Homepage

Bedrijfsvoering, financiën en rechtmatigheid

6.2 Doelmatigheid

Een organisatie is doelmatig indien er een goed evenwicht is tussen de geleverde prestaties (kwantitatief en kwalitatief) en de daarvoor ingezette middelen. De voor 2025 geplande werkzaamheden en activiteiten voor de SV-taken zijn grotendeels uitgevoerd of opgestart. De SVB heeft in overleg met het ministerie van SZW twee kritieke prestatie-indicatoren (KPI’s) vastgesteld, voor kwantitatieve en kwalitatieve doelmatigheid (zie tevens bijlage 2 ).

Kwantitatieve doelmatigheid

De KPI inzake de kwantitatieve doelmatigheid (en financiële voorspelbaarheid) houdt in dat het verschil tussen de realisatie en de prognose in de tweede tertaalrapportage maximaal 1,5% van de actuele begroting mag bedragen. In 2025 komt deze KPI uit op 1,0%, indien het resultaat en de prognose worden gecorrigeerd voor het effect van de voorziening levensfaseregeling. Deze correctie is vooral technisch van aard en heeft te maken met de stelselwijziging van een voorziening (€ 5,6 miljoen) die via de egalisatierekening loopt en niet via het resultaat, terwijl de middelen voor de vorming van deze voorziening door SZW volledig aan de begroting van de SVB is toegevoegd.

Kwalitatieve doelmatigheid

Voor de KPI kwalitatieve doelmatigheid is bepaald dat de SVB de ontwikkeling van de kosten per 1.000 klanten toelicht. De kosten per klant worden bepaald door de totale uitvoeringskosten per wet te delen door het aantal klanten per wet.

De manier waarop de SVB de kosten verdeelt over de verschillende regelingen wordt ieder jaar via een herijking in afstemming opnieuw met het ministerie vastgesteld. In de kerncijfers (in tabel 0.1) is zichtbaar dat de kosten per klant van alle regelingen nagenoeg gelijk blijven. Bij de grote SV-regelingen is er sprake van stijging van de kosten per klant (met uitzondering van de AOW) en bij de kleine regelingen een daling.

Het aantal gerechtigden stijgt minder snel bij AKW en AIO waardoor de kosten per klant toenemen. Bij AOW stijgt het aantal gerechtigden sneller dan de uitvoeringskosten waardoor de kosten per klant licht dalen. Bij de kleine regelingen is een daling van de kosten per klant zichtbaar op de wetten TSB en Bijstand Buitenland. De kosten per klant bij de regeling TSB dalen door een grotere stijging van het aantal gerechtigden ten opzichte van de uitvoeringskosten. Bij de regeling Bijstand Buitenland dalen de uitvoeringskosten harder dan de gerechtigden.

Deze pagina is gebouwd op 06/11/2026 10:20:36 met de export van 06/03/2026 09:43:24